Sparen

Als je een financiële reserve wilt opbouwen, zijn daarvoor verschillende mogelijkheden. Je kunt kiezen voor een bepaalde spaarvorm, een lijfrenteverzekering of gaan banksparen. Wat voor jou de beste vorm is, hangt af van jouw spaardoel, jouw bereidheid risico’s te lopen en jouw financiële mogelijkheden. Wij adviseren je hier graag over.

Spaarrekening

Sparen is een veilige en zekere manier om een reserve op te bouwen. Je stort geld op een spaarrekening en ontvangt rente over het spaartegoed. Je kunt kiezen voor een eenmalige storting of voor regelmatige inleg.

Sparen zonder beperkende voorwaarden
Als je spaart zonder beperkende voorwaarden, kun je inleggen hoeveel en wanneer je wilt en geld opnemen wanneer je wilt. Hier staat tegenover dat de rente vaak relatief laag is en dat het rentetarief elk moment kan wijzigen. Omdat je altijd bij jouw geld kunt is dit een geschikte spaarvorm om plotselinge uitgaven te kunnen betalen.

Sparen met beperkende voorwaarden
Voor sommige spaarrekeningen gelden beperkende voorwaarden, bijvoorbeeld:

  • Je moet als eerste storting een minimum bedrag inleggen.
  • Je tegoed moet een bepaald minimum bereikt hebben om in aanmerking te komen voor een hogere rente.
  • Het bedrag dat je maandelijks vrij kunt opnemen is gemaximeerd. Als je meer opneemt, betaal je daarvoor.

Een spaarrekening met beperkende voorwaarden biedt vaak een wat hogere rente of bijvoorbeeld een bonusrente. Dit is geschikt voor spaardoelen die wat verder in de toekomst liggen.

Spaardeposito

Een spaardeposito is een spaarrekening waarbij je jouw geld voor een langere tijd vastzet, tussen de één en de tien jaar. De rente kan hoger zijn dan die op een gewone spaarrekening, maar dat hoeft niet. Wij gaan graag na wat een spaardeposito jou oplevert.
De rente over spaarproducten is de laatste jaren erg laag. Wij adviseren je over de vraag wat je nog meer met jouw spaargeld kunt doen om er meer voordeel uit te halen.

Belasting betalen

Je betaalt belasting over jouw vermogen, de zogenaamde vermogensrendementsheffing. De overheid gaat er vanuit dat je een rendement behaalt over jouw vermogen. Hoe hoog het rendement wordt geacht hangt af van de omvang van jouw vermogen. De eerste €25.000,-zijn onbelast. Daarna:

Vermogen Verwacht rendement
Van €25.000 t/m €75.000,- 2,87%
Van €75.000,- t/m €975.000,- 4,6%
Boven €975.000,- 5,39%

Het rendement dat je over het verwachte rendement haalt, wordt voor 30% belast.

Banksparen

Banksparen is gericht op de lange termijn en gekoppeld aan een bepaald doel, bijvoorbeeld de aflossing van de hypotheek (bij hypotheken van vóór 1 januari 2013) of om pensioeninkomsten aan te vullen. Je spaart op een speciale, geblokkeerde rekening: de bankspaarrekening. Het spaartegoed staat lange tijd vast, je kunt dus niet op elk moment geld opnemen. Over het gespaarde vermogen betaal je geen belasting. Als je spaart voor jouw pensioen en uit het opgebouwde kapitaal uitkeringen ontvangt, zijn deze uitkeringen wel belast.

Voordelen

  • Lagere kosten dan bij een lijfrente.
  • De premie is onder voorwaarden aftrekbaar.
  • Je spaart belastingvrij.
  • Je kunt ook instappen als je al wat ouder bent.
  • Als je overlijdt, gaat het geld naar jouw nabestaanden.

Nadelen

  • Je kunt tussentijds niet over jouw spaargeld beschikken.
  • Je ontvangt maximaal 20 jaar een uitkering.
  • De opbrengst is niet gegarandeerd.

Lijfrente

Met een lijfrenteverzekering betaal je iedere maand een premie die voor je wordt belegd. Zo bouw je een kapitaal op, waarmee je aan het eind van de looptijd een lijfrente koopt en periodieke uitkeringen ontvangt. Over het gespaarde vermogen betaal je geen belasting. Als de lijfrente tot uitkering komt, betaal je wel belasting over de uitkeringen.

Voordelen

  • De premie is onder voorwaarden aftrekbaar.
  • Je spaart belastingvrij.
  • Je kunt ook kiezen voor een gegarandeerde opbrengst.

Nadelen

  • Je kunt tussentijds niet over jouw spaargeld beschikken.
  • De kosten die zijn verbonden aan een lijfrenteverzekering liggen vaak wat hoger dan de kosten bij banksparen.
  • Als je overlijdt krijgen jouw nabestaanden niets, tenzij je daarvoor een speciale regeling treft.